|
 |
Startpagina Van de redactie Archief
|
 |
 |
Meer beweging, minder afstand? |
Afstand houden – afstand nemen – afstandelijk zijn – afstand scheppen – afstanden overbruggen – afstand doen van… - afstand verkleinen…
De kortste afstand tussen twee punten is een kogel uit een revolver of geweerloop. En de snelste. Dat hebben we de jongste tijd helaas al te veel kunnen merken. De kogels vlogen ons om zo te zeggen om de oren. (Hoeveel vermoorde lijken in twee weken tijd ?) De rechte lijn haalt het niet meer. Zelfs vliegtuigen moeten op hun vogelvluchten bochten maken. Er zijn geen afstanden meer, zegt men. Pas ingedommeld na het opstijgen in Zaventem wordt men even later wakker op een landingsbaan in Londen of Parijs, of na een iets langere uilenjacht in New York. Afstand is een relatief begrip. Wat is ver en wat is dicht ? Is de wereld een dorp geworden ? Enkel mediatiek. We kijken met de camera mee over de muur in Bangladesh, om zo te zeggen. We bewegen ons steeds sneller. We testen vliegtuigjes die tien keer de snelheid van het geluid halen, en je kan je al inschrijven om binnenkort schelpjes te gaan rapen op de maan. Alsof er geen andere prioriteiten zijn. Eén van de merkwaardigste evoluties en revoluties van de laatste halve eeuw is de relatie geweest tussen afstand en snelheid. Verkeer, computerverkeer, communicatie…
|
Van postkoets tot mentale files |
Waren de mensen in de tijd van de postkoets toen de afstanden nog eindeloos leken, meer of minder gelukkig ? Ik zou het niet weten, maar dit gevoel heeft niets met fysieke afstand (en de snelheid om die te overbruggen) te maken. Zeker is dat ‘afstand’, niet enkel ingesloten in een file, maar veel meer nog mentaal, een zeer groot sociaal probleem is geworden. We leven om te overleven, in menselijk ‘aanvoelen’ soms zeer ver van elkaar. Ook al zijn we buren, alleen door cement en bakstenen van elkaar gescheiden. Burenruzie, bijvoorbeeld, familievetes, echtscheiding (een modewoord is nu vechtscheiding, helaas, en het aantal éénoudergezinnen stijgt, maar de kosten nog meer), getreiter op de werkvloer, ellebogenwerk om hogerop te geraken… het gebeurt allemaal dichtbij, maar het drijft ons mijlenver uit elkaar. Vechten om te overleven, volgens een slogan van Lotto “nu ikke”. En dat is voor een stuk begrijpelijk omdat alles schaarser wordt : arbeid, geld (voor twintig percent van onze bevolking, tien percent is er immers met een ruime meerderheid van wat waarde heeft vandoor), gezondheid (we ‘rekken’ het wel langer, maar steeds meer jonge mensen verdwijnen door verwoestende ziekten, ongelukken, zelfdoding…). Zich goed in zijn vel voelen…
En niet in het minst wordt ook solidariteit schaars, o.m. om de zopas aangehaalde reden. Hier wordt afstand synoniem van kloof : we communiceren niet meer zoals het hoort met elkaar. We luisteren niet meer aandachtig. Signalen, voor zover die al op te vangen zijn, horen we niet meer. Familiedrama’s met achteraf commentaar van familie of kennissen : “we hebben daar niks van gemerkt”. Welvaart wordt voor steeds meer mensen minder welzijn. Het is een cliché, maar zuiver materialisme is een stoorzender. De vrees om er niet ‘bij te zijn’ en de inspanningen die men daar wel voor doet : schulden maken. Hebt u het gehoord : 360.000 mensen raken hierdoor onderuit !, vaak wel door eigen schuld, akkoord, dat zijn stommiteiten. Maar ook wel aangekaart door slimme financiers op wie de tang van controle door nieuwe wetgeving nog altijd niet blijkt te pakken. Het is ook een soort virus waartegen een sociaal of mentaal zwakker gestel niet immuun is. Maar dat zal die mannen wel geen zorg wezen. Deurwaarders mogen ook niet werkloos blijven. Financiële zorgen zijn vaak verwoestend (depressiviteit…en erger).
Onze maatschappij staat voor serieuze keuzes. Wat zeker “onverwijld” zou moeten aangepakt worden, is de herverdeling van de goederen (vermogensbelasting, fiscale en sociale fraude, buitensporige verloning…).Onze ‘verzorgingsstaat’ is goed, maar dreigt onbetaalbaar te worden, tenzij de solidariteit weer boven een harder vlammetje dan het waakvlammetje wordt gezet. Er is nog heel veel solidariteit, als men rondkijkt. Altijd door eenzelfde – gelukkig toch aangroeiende groep – mensen die echt met welzijn begaan zijn. Maar ik krijg hartkloppingen als ik peperdure mensen voor “het goede doel” hoor feesten. Het lijkt op de vroegere aflaten-verkoop. Dure champagne met publiek erbij is geen probleem. Maar aan hun financie-torentjes met gesloten hekken raak je geen sticker voor hongerend Afrika kwijt.
|
Mes op de keel |
De afstand (kloof) vergroot alsmaar tussen : armoede en bezit, werkhebbenden en werklozen, werkgevers en werknemers (vakbonden, hoewel…) kansen en kansarmoede, rassen godsdiensten, gematigden en fanatici (doodsbedreigingen), burger en politiek…autochtonen en allochtonen, materialisten en idealisten, hangjongeren en burgers (politie)… de lijst lijkt niet af te sluiten. Afstand is (mentaal) een serieus maatschappelijk probleem zonder grenzen aan het worden. Niemand ziet voorlopig hoe die landmijnen opgeruimd kunnen worden. Met het gevaar dat roofdieren in het hoge gras zitten te loeren, en dit terwijl de verschillende al dan niet politieke geledingen, instellingen en verenigingen van klein tot groot, van land tot land en van continent tot continent al te veel energie en geld zitten te stoppen in hun eigen grote gelijk en het isolatiemateriaal daarvoor. Is dat vooruitgang ? We gaan nog raar opkijken. Een vraag die wereldwijd te weinig ernstig wordt genomen is : hoe verkleinen we de afstand tussen oorlog en vrede, tussen terrorisme en diplomatie, tussen zinloos geweld en onderhandelen, tussen honger en overdaad ? Ook in de sport is oorlogstaal zo gewoon geworden dat het niet meer opgemerkt wordt : voetbal is oorlog...we zullen ze afmaken...mes op de keel...offensief uitleven...
|
Bumperen |
Maar we mogen misschien ook niet pessimistisch worden. Want, zegt Chris De Ketelbutter, directeur van Tele-Onthaal Oost-Vlaanderen in een interview (Het Nieuwsblad 18 november) : “Het gaat echt niet zo slecht met de mens als de familiedrama’s en moorden van de laatste tijd laten vermoeden. Mensen willen zich nog wel inzetten voor elkaar…Ik ben niet blind voor de complexiteit van deze tijd…ik wil de mensheid ook niet beschuldigen van egocentrisme. Er leeft een enorme behoefte aan verbondenheid.” Dat wil ik graag geloven en hopen met hem. Maar er is ook nog zoiets als ‘burgerzin’. We bewegen ons wat teveel met de middenvinger naar omhoog, om het zo eens te zeggen. Gebrek aan verdraagzaamheid. Moordend is dat niet, maar het is wel schadelijk voor de zuurstoftoevoer in het samenleven.
Afstand houden moet je soms verplicht doen, in het verkeer bijvoorbeeld. Zelfs vrachtwagens zie je op het middenveld van een snelweg op vijf, zes meter van elkaar bumperen. Als daar klappen van komen wordt het meteen een traagweg, kilometers lang. Wanneer gaat men die vrachtwagens verplicht uitrusten met een periscoop ? Er zit niets anders op. We zijn cowboys op de baan.
En nog een laatste goede raad : Afstand houden is ook wenselijk als het om andermans echtgenoot of echtgenote gaat. Een te dichte ‘benadering’ kan ook daar vonken doen ontstaan, en zelfs onblusbare branden. Daar komen dan eventueel de kinderen in de file te staan.
Afstand verkleinen, muren omver halen, we doen er allemaal wel iets voor…
Wilfried Lissens |
Van Geel naar groene zorg |
De nieuwe nomaden |
 |
Site-overzicht |
 |
 |
 |
|