StartpaginaVan de redactie

Nood aan echt lokaal armoedebeleid in Zuid-Oost-Vl

Niet iedereen ligt wakker van lokaal sociaal beleid, maar wie alvast opmerkelijk aan de kar trekken zijn ACV, CM, Familiehulp en ACW. Net voor de zomer stelden de christelijke arbeidersbeweging haar klemtonen voor het lokale sociale beleid voor in Zottegem.

Om de komende maanden met de gemeentebesturen en OCMW’s te kunnen samenwerken aan de nieuwe beleidsplannen werd een groots intern project opgestart.
Ze evalueerden de sterktes en zwaktes van het sociaal beleid vandaag, documenteerden zich grondig…
De evaluatie vond plaats aan de hand van een sociale spiegel. Dat is een meetinstrument met meer dan vijftig indicatoren waarmee gepeild werd naar de aandacht in het beleid voor wonen, werken, welzijn, armoede en participatie. Vijf prioritaire thema’s...
De gemeenten van Z.O.-Vlaanderen werden ingedeeld in drie clusters op basis van economische, financiële, demografische, … indicatoren:Tientallen beroepskrachten en vrijwilligers werkten tijdens gemeentelijke beleidsavonden samen rond sociale vraagstukken en prioriteitenlijstjes. Die resultaten werden verwerkt tot voorspelbare, maar soms ook markante vaststellingen.

Moeilijk voor kleine gemeenten

Belangrijkste vaststelling is het feit dat vooral landelijke gemeenten slechter scoren in de sociale spiegel. Voor alle vijf de domeinen zien we dat de kleinstedelijke cluster (Ronse, Oudenaarde, Ninove, Geraardsbergen en Zottegem) iets beter scoort dan het gemiddelde. Dat is logisch, die steden zuigen meer problemen aan en hebben een grotere capaciteit om sociaal beleid uit te bouwen. Een grotere dienst, meer middelen, meer personeel, meer ruimte voor creativiteit ook. Gelukkig maar, want het zijn juist die steden die net die creativiteit het meest nodig hebben en die een centrale rol hebben binnen de regio.

Algemeen scoort de Vlaamse Ardennen iets beter dan het Land van Aalst, maar niet zoveel. Enkel voor sociale huisvesting is dat omgekeerd, maar de Vlaamse Ardennen zijn altijd al een nakomersregio geweest op vlak van sociaal woonbeleid. En de regio heeft één van de oudste woonpatrimonia van Vlaanderen. Relatief veel woningen met klein comfort … veel werk aan de winkel dus.

Armoede

Als we de resultaten algemeen bekijken, zien we dat vooral armoede en participatie de twee domeinen zijn waarop onze gemeenten slecht scoren. Voor participatie is dat te wijten aan enkele slechte leerlingen (Aalst en Ninove) die het gemiddelde naar omlaag trekken.

We zien heel duidelijk dat nog maar weinig gemeenten een echt armoedebeleid ontwikkeld hebben, terwijl het een probleem is dat niet afneemt, integendeel. Vaak doen ze enkel het wettelijk verplichte. Dat is niet altijd slechte wil, hoor. Of toch niet overal. Armoedeproblemen zijn heel complex, en zijn niet makkelijk aan te pakken met een kleine sociale dienst. Het zal zaak zijn om daar de komende jaren in het lokaal sociaal beleidsplan echt een stappenplan voor uit te werken.’

Namen noemen

Gemeenten bij naam noemen is altijd gevaarlijk. Toch maakt de sociale spiegel duidelijk dat enkele gemeenten daadwerkelijk minder aandacht schenken aan sociaal beleid dan anderen. Brakel, Zwalm, Haaltert, Horebeke, Sint-Lievens-Houtem en Aalst staan in het rood, elk om andere redenen. Maar rode, of is het een zwarte, draad is telkens het gebrek aan betrokkenheid van andere partners. En dat zowel in het woon-, als het welzijns-, armoede-, als tewerkstellingsbeleid …

En zijn er dan geen goede leerlingen ook?
Jawel hoor, op de optelsom van een aantal heel belangrijke en specifieke vragen (samenwerking en overleg met het middenveld, woonbeleidsplanning, ondersteuning van de thuiszorg, …) scoren bijna steeds weer dezelfde gemeenten iets beter. Denderleeuw, Zottegem, Herzele, Wortegem-Petegem en Ronse zijn daarvan voorbeelden, ook al telkens om andere redenen. Maar nog eens, dat zegt niet alles en het is zeker geen reden om op de lauweren te gaan rusten. Wie goed is in planning, kan beter doen in wonen of thuiszorg. En wie goede punten haalt op vlak van tewerkstelling, kan dan misschien wat lessen trekken uit de overlegstructuren van naburige gemeenten.

Per cluster ge valueerd

Aalst is bij ‘sociaal Zuid-Oost-Vlaanderen’ geen toonbeeld met een aura van een sociale trendsetter. Enkel op vlak van sociale huisvesting scoort de gemeente niet onder het gemiddelde van de regio. En eigenlijk is dat bedroevend voor een gemeente van die omvang.
Wat de beide landelijke clusters betreft, is er nog een constante te ontwaren: hoe landelijker, hoe slechter men onder het gemiddelde scoort per thema. Bij de iets sterkere gemeenten in die cluster, scoren ‘werken’ en ‘wonen’ onder het gemiddelde van Zuid-Oost-Vlaanderen, maar vooral de resultaten voor ‘participatie’ swingen de pan uit, maar dan in negatieve zin.

In detail

Naast de reeds eerder vermelde slechte resultaten op vlak van participatie van Aalst, Ninove, Brakel, …, moeten we nog enkele markante gemeenten onder het zoeklicht plaatsen. Zo scoren Kruishoutem en Herzele goed op vlak van samenwerking tussen gemeente en OCMW, want broodnodig is, wil het LSB geen slag in het water worden. De samenwerking met de private partners loopt dan weer opvallend goed in Wortegem-Petegem, Herzele, Maarkedal en Denderleeuw.
Ninove en Denderleeuw zijn goede woonplanners, terwijl Geraardsbergen, Ronse, Oudenaarde en Aalst dan weer goede informatieverstrekkers zijn rond wonen.
Opvallend is ook de slechte score voor de Vlaamse Ardennen op vlak van overleg inzake werkgelegenheid.

Info

De volledige presentatie met de evaluatie van het sociaal beleid in Aalst-Oudenaarde is op te vragen bij ACW Zuid-Oost-Vlaanderen, Sint-Jorisstraat 26, te 9300 Aalst. Telefoon: 055-23.79.03.

KVH

Lokaal sociaal beleid belangrijk
Meer participatie - meer welzijn
Site-overzicht